Holwortel Martenastate

Holwortel in het park rond Martenastate. 5 april 2012. Foto: Trudy van Riemsdijk-Zandee.

Welke stinzenplanten groeien en bloeien op Martenastate en waar, en onder welke omstandigheden? En hoe beheer je een dergelijke flora? Op 4 april 2014 werd het rapport gepresenteerd aan bestuur en betrokkenen: De stinsenplanten, struiken en bomen van Martenastate in 2012 door H.J. Jager, It Fryske Gea, Olterterp. Wij mochten aanwezig zijn. Het rapport is geschreven in opdracht van de Stichting Martenastate, bevat een vegetatiekartering van het terrein van de Martenastate en geeft een goed beeld van het beheer op Martenastate.

De Martenastate is een van de mooiste terreinen in Nederland wat betreft de groei van stinzenplanten. Stinzenplanten kunnen heel lang overleven in een situatie waarin geen beheer plaats vindt. In een dergelijke situatie zal het terrein echter geleidelijk verruigen en zullen op de lange duur de meeste stinzenplanten verdwijnen. Inmiddels hebben we zelf enige ervaring met het herstel van een volledig overwoekerde stinzentuin en graag delen we deze ervaring aan de hand van enkele aandachtspunten uit het rapport.

Het huidige beheer van Martenastate, dat bestaat uit twee maal per jaar maaien en het afvoeren van het strooisel, geeft een zeer fraai beeld van goed florerende stinzenflora met 12 verschillende soorten. Opvallend is dat op de meeste plaatsen gewone soorten die een probleem kunnen vormen zoals Zevenblad, Fluitenkruid, Speenkruid en de stinzenplant Daslook wel op plekken aanwezig zijn, maar geen probleem vormen. Een belangrijke reden hiervoor is mijns inziens dat het beheer ervoor zorgt dat het stikstofniveau in het vroege voorjaar relatief laag is. Op een aantal plekken op het terrein, bijvoorbeeld bij de ingang is de situatie wat minder gunstig en treden Zevenblad en Fluitenkruid al in het vroege voorjaar meer op de voorgrond.

In het rapport wordt ook gesproken over bemesting, door onderwerken van compost en bekalking als maatregelen die mogelijk de situatie nog verder zouden kunnen verbeteren. Het is de vraag of bekalking noodzakelijk is, maar als dit al wordt toegepast is  landbouwkalk niet de beste oplossing. Omzetting van organische stof versnelt dan namelijk, waardoor er meer stikstof vrijkomt en de potentieel lastige soorten zullen naar alle waarschijnlijkheid sterk gaan toenemen. Dit geeft geen fraai beeld en is ook niet gunstig voor de stinzenflora. Bekalking met schelpengruis is wel een goede mogelijkheid. Schelpengruis lost heel langzaam op. Stikstofmineralisatie wordt zo niet bevorderd, maar werkt wel positief op kalkminnende flora.

Compost is een relatief stikstofarme organische bemesting die de structuur van de bodem kan verbeteren. Een goede bodemstructuur is van groot belang voor de stinzenflora. Als organische bemesting wordt overwogen is het de vraag of het inwerken in de grond verstandig is. Dit kan ook weer aanleiding geven tot versnelde mineralisatie en, daarmee gepaard gaande, een ongewenste toename van het stikstofniveau.

De meest ideale organische bemesting voor stinzenflora is bladcompost of bladaarde. Deze compost verteert langzaam, heeft een laag stikstofgehalte, bevordert het bodemleven, en verbetert de bodemstructuur. In feite is de vertering van het blad in de herfst van de gevallen bladeren al een natuurlijk proces en zal extra toevoeging van compost niet nodig zijn. Op plekken waar de bodemstructuur minder goed is of bij het planten van nieuwe bomen kan toevoeging van bladcompost worden overwogen. Momenteel wordt er nog te veel veen verwerkt voor een vergelijkbaar doel. Het ontstaan van veen gaat extreem langzaam. Daarom is dit roofbouw en niet goed voor het milieu. Kwekerij De Hessenhof in Ede maakt op vrij grote schaal bladcompost van blad dat de gemeente Ede in de herfst verzamelt. Het zou fantastisch zijn als dit op meer plaatsen in Nederland gebeurt.

Gele anemoon Martenastate

Gele Anemoon en Holwortel in het park rond Martenastate. 5 april 2012. Foto: Trudy van Riemsdijk-Zandee.

Haarlems klokkenspel Martenastate

Haarlems klokkenspel onder de Linden bij Martenastate. 22 mei 2012. Foto: Trudy van Riemsdijk-Zandee.